Publieke prijsvraag

  • Ruimte voor het creatieve proces
  • Flexibele procedure
  • Transparant en effectief
  • Maatschappelijke aandacht
  • Bepalen van de prijs
  • Selectie
  • Samenstellen van de jury
  • Versnipperd juridisch kader

E.    Risico’s van het instrument publieke prijsvraag

Inzet van het instrument publieke prijsvraag brengt verschillende risico’s met zich mee. Deze risico’s zijn verschillend van aard: sommige zijn politiek, andere juist economisch of juridisch. De belangrijkste risico’s worden hier toegelicht.

Tussentijdse wijzigingen en politieke inmenging 

De procedure, voorwaarden en selectiecriteria van een publieke prijsvraag moeten bij aanvang bekend zijn en vaststaan. De status van het advies van de jury mag bijvoorbeeld niet anders zijn, dan zoals die in de procedure is vastgelegd. De rangorde uit het juryrapport kan dus niet zomaar worden aangepast. Ook andere tussentijdse wijzigingen in de procedure zijn meestal in strijd met het transparantie- en gelijkheidsbeginsel. Voor meer informatie hierover zie juridische informatie.

Desondanks komt het in de praktijk regelmatig voor dat overheidsorganisaties in de voorwaarden van hun prijsvragen allerlei voorbehouden opnemen. Er kan dan (politieke) druk worden uitgeoefend om de procedure of de resultaten te veranderen. De kans is groot dat de overheidsorganisatie hierdoor in strijd handelt met het aanbestedings-, subsidie- en/of staatssteunrecht. Daarnaast bestaat een risico op imagoschade: de overheidsorganisatie verandert de regels tijdens het spel – of zelfs na afloop! Denk ook aan het tussentijds afbreken van de prijsvraag om politieke redenen: wie draagt daarvan de eventuele lasten en reputatieschade?

Om deze risico’s te verkleinen is een breed draagvlak binnen de betrokken overheidsorganisaties en hun organen van belang. Leg de procedure vooraf ter goedkeuring aan hen voor en zorg dat duidelijk is wat de rol van de betrokken organen is, met name als het gaat om het bepalen van de winnaar(s) van de prijsvraag. Zie hierover ook de juridische informatie.

Een ondeskundige en partijdige jury

Bij een publieke prijsvraag wordt vaak een externe, onafhankelijke jury ingeschakeld om de inzendingen te beoordelen. Die jury kan bepalen wie de prijsvraag wint, of de overheidsorganisatie daarover adviseren. De jury heeft dus veel invloed. Daarom is het belangrijk dat de jury verstand van zaken heeft. Kies als overheidsorganisatie dus niet voor juryleden die weliswaar bekendheid genieten, maar niet deskundig zijn. Ook moeten de juryleden onafhankelijk zijn van de deelnemers aan de prijsvraag. Ook dat is soms lastig: juryleden kunnen bijvoorbeeld concullega’s zijn van deelnemers en dus een belang hebben bij de uitkomst, of als adviseur betrokken zijn geweest bij een inzending. Het is belangrijk om (de schijn van) belangenverstrengeling te voorkomen. Zie hierover ook de juridische informatie.

Onduidelijkheid over de rechtsbescherming

Het komt regelmatig voor dat overheidsorganisaties in de voorwaarden van een publieke prijsvraag opnemen dat ‘over de uitslag van de prijsvraag niet wordt gecorrespondeerd’. Dat is natuurlijk een slimme manier om ingewikkelde vragen en conflicten over de gang van zaken uit de weg te gaan. Bedenk echter dat deelnemers aan publieke prijsvragen rechtsbescherming genieten. Dat geldt des te meer als deelname aan de prijsvraag gepaard gaat met grote investeringen. Denk hierbij ook aan intellectuele eigendomsrechten: blijven die rusten bij de deelnemers, of gaan ze over op de overheidsorganisatie? Zie hierover ook de juridische informatie.

Toepasselijkheid van het staatssteun- en aanbestedingsrecht

De Europese regels die op publieke prijsvragen mogelijk van toepassing zijn, zijn complex en sluiten niet altijd even goed aan op de Nederlandse regels. Bovendien kan overtreding van Europese regels ertoe leiden dat de prijs moet worden teruggevorderd, bijvoorbeeld omdat sprake is van onrechtmatige staatssteun. Het is daarom van groot belang hier voldoende aandacht voor te hebben. Het gaat dan in het bijzonder om de Europese staatssteunregels en het Europese aanbestedingsrecht. Deze regels komen over het algemeen pas in beeld bij prijsvragen waar meer dan €100.000,- aan prijzengeld mee gemoeid is. Zie hierover nader de juridische informatie.

Geen verplichting voor subsidie of (vervolg)opdracht

Op de overheidsorganisatie rust doorgaans niet de verplichting de prijswinnaars een subsidie of (vervolg)opdracht te verstrekken. Die flexibiliteit lijkt een voordeel voor de overheidsorganisatie, maar kan er ook toe leiden dat potentiële deelnemers niet meedoen, omdat zij niet het risico willen lopen dat een subsidie of (vervolg)opdracht uitblijft. Dat is juist nadelig voor de overheidsorganisatie, omdat daarmee de kwaliteit en diversiteit van de inzendingen afnemen.

Bij het vaststellen van (de hoogte van) de prijs moet daarom rekening worden gehouden met de verwachte inspanningen en investeringen van deelnemers en het feit dat de meeste deelnemers buiten de prijzen zullen vallen. Als de hoogte van de geldprijs niet in een redelijke verhouding staat tot de te verrichten inspanningen en investeringen voor deelname aan de prijsvraag, is het risico groot dat veel interessante kandidaten zullen afzien van deelname aan de prijsvraag.